Archief

Archive for augustus, 2012

Het USC-onderwijsdebat: een wedstrijd studenten paaien

15 augustus 2012 Plaats een reactie

Het was voorspelbaar. Als je een aantal politici voor een studentenpubliek zet krijg je geen onderwijsdebat maar een wedstrijd studenten paaien. Niet alleen de draai van Buma over de langstudeerdersregeling was tenenkrommend, maar ook het geslijm van Samsom, die de regeling een boete op nieuwsgierigheid en ontplooiing noemde. Feit is dat het hier gaat om een regeling die studenten in staat stelt om 6 jaar te doen over een studieprogramma dat nominaal 4 jaar duurt (bachelor+master). Voldoende tijd dus voor boetevrije nieuwsgierigheid en ontplooiing. En neem van mij aan, mijnheer Samsom, dat studenten die langer dan zes jaar over hun studie doen niet uitblinken in academische nieuwsgierigheid. Maar ja, het is voor een publiek van corpsstudenten misschien ook te veel gevraagd om op te roepen tot een grotere studieinzet, minder barbezoek en een begrenzing van de alcoholconsumptie bij de studentenverenigingen (en wat dacht u van verplicht vroege sluitingstijden van sociëteiten?).

Ik ben zelf geen grote fan van Zijlstra’s langstudeerdersregeling. Naast de problematische vermenging van doelstellingen (het realiseren van bezuinigingen en het verhogen van het studierendement) is de regeling onderwijskundig gezien een te late interventie om het langstudeerdersprobleem aan te pakken (zie ook een eerdere blog). Ook de bureaucratie van Zijlstra’s  prestatieafspraken bekoort mij niet. Maar vergeleken met de lafheid van deze debaters had Zijlstra tenminste de politieke moed om het probleem van de studievertraging te leggen waar het hoort: bij de student.

Hoe zal het verder gaan met de campagne? Een defensiedebat op een met sluiting bedreigde kazerne?

Categorieën:Onderwijs, Uncategorized

De Griekse consument verwacht geen Grexit

13 augustus 2012 Plaats een reactie

Met al die economen die een snelle Grexit voorspellen zou je verwachten dat de Griekse consument zich op dit moment grote zorgen maakt over inflatie. We weten immers dat een Grexit gepaard zal gaan met een zeer sterke devaluatie (50-60%) van de nieuwe drachme ten opzichte van de euro (voor 10% stap je er niet uit) en dat dit snel doorwerkt in hogere importprijzen en consumentenprijzen.

Het consumer survey van de Europese Commissie meet elke maand de inflatiepercepties van de Europese consument. Hierin wordt de consument o.a. gevraagd naar zijn verwachting ten aanzien van de ontwikkeling van de consumentenprijzen in de komende 12 maanden, vergeleken met de afgelopen 12 maanden. Mogelijke antwoorden zijn: 1) de prijzen stijgen sneller; 2) de prijzen stijgen met dezelfde snelheid; 3) de prijzen blijven gelijk; 4) de prijzen dalen en 5) weet niet. De onderstaande grafiek plot de tijdreeksen van antwoorden 1) en 4).

Wat blijkt? De groep Grieken die een versnelling van de inflatie verwacht (een scenario dat compatibel is met een Grexit) is gedaald van rond de 40% in de zomer van 2011 naar 15% nu. De groep die een daling van het prijsniveau verwacht is daarentegen gestegen naar rond de 10%. Gezien het feit dat in een normale economie prijsstijgingen de norm zijn en prijsdalingen de uitzondering, is dit een behoorlijk hoog percentage. Ter vergelijking: in Nederland en Duitsland waren de percentages die in Juli 2012 een prijsdaling verwachtten respectievelijk 3% en 0.2%!

Wellicht begint langzamerhand het besef door te dringen dat binnen een muntunie prijsstijgingen en -dalingen de plaats innemen van wisselkoersaanpassingen. De Griekse consument zou wel eens realistischer kunnen zijn dan de gemiddelde econoom.

Is de netto blootstelling van ING aan Spanje relevant?

9 augustus 2012 Plaats een reactie

Bij de presentatie van haar kwartaalcijfers maakte ING bekend dat zij haar portefeuille Spaanse activa verder heeft afgebouwd, tot een bedrag van € 34,9 eind juli. De netto blootstelling aan Spanje (activa minus passiva in de vorm van Spaans spaargeld) is hiermee gereduceerd tot € 12,3 miljard. Eind 2010 was dit nog € 27,5 miljard. De rekencolumn Bartjens in het FD van vandaag maakt hier een groot punt van:

“De ‘netto exposure’, de uitzettingen minus het in Spanje opgehaalde spaargeld, ging in de afgelopen vier maanden omlaag van € 19,6 mrd naar € 12,3 mrd. ING is hierdoor beter voorbereid op wat niemand verwacht: een eventuele herinvoering van de peseta. Die munt zou aanmerkelijk minder waard zijn dan de euro. Bij een grote onbalans zou de waardedaling bij de bezittingen veel groter zijn dan bij de verplichtingen (het spaargeld).”

Ik zet daar mijn vraagtekens bij. In de eerste plaats beschermt de betere matching van Spaanse activa en passiva natuurlijk niet tegen een eventuele wanbetaling op of herstructurering van Spaanse schulden. Het Spaanse spaargeld daalt in zo’n geval niet mee in waarde. Maar ook in een €-opbreekscenario is het maar de vraag of de matching werkt. ING Direct Espana is een marketing-label, geen juridische entiteit. De Spaanse spaarder heeft zijn spaargeld gewoon bij een Nederlandse NV staan. Kan ING NV in een opbreekscenario de Spaanse spaarders in pesata uitbetalen en de Nederlandse spaarder in euro of gulden? Ik ben geen jurist, maar ik betwijfel het.

De netto blootstelling oogt wat beter voor ING, maar voor de echte risico’s moet je toch naar de bruto blootstelling aan Spaans papier kijken.

De ECB is te afhankelijk

6 augustus 2012 Plaats een reactie

Veel opwinding vorige week rond Draghi, die zijn eerdere ferme taal (“believe me, it will be enough”) niet kon omzetten in concrete daden. In plaats van onmiddellijke monetaire actie kondigde Draghi aan dat de ECB wellicht staatsobligaties zal opkopen wanneer Italie en Spanje een beroep doen op het noodfonds en de bijbehorende spelregels rond begrotingsdiscipline accepteren.

Het paradoxale hieraan is dat de ECB – die zich zo graag laat voorstaan op haar onafhankelijkheid – zich zo wel erg afhankelijk opstelt. De inzet van een legitiem instrument van monetair beleid – kwantitatieve verruiming via het opkopen van staatsobligaties – laat de ECB nu immers afhangen van concrete acties van politici (zie ook een oude blog). Als de politici hun trots niet inslikken, verruimt de ECB niet. Een duidelijke afhankelijkheidsrelatie.

Ik denk dat deze opstelling van de ECB om twee redenen gevaarlijk is. Ten eerste blijft het monetaire beleid hierdoor onnodig lang te krap, met een gemiddelde lange rente in de eurozone die ver uitstijgt boven vergelijkbare rentestanden in de VS en het VK. Ten tweede worden de ongekozen ECB-ers zo actieve spelers in het politieke spel rondom het begrotingsbeleid. De ECB begeeft zich hiermee op glad ijs. Zij heeft helemaal geen mandaat om haar monetaire macht te gebruiken om het begrotingsbeleid te beinvloeden.

Gezien de economische situatie in Europa kan de ECB een generieke kwantitatieve verruiming prima rechtvaardigen binnen haar eigen mandaat (zorgen voor monetaire en financiele stabiliteit). Het doel hiervan zou moeten om de gemiddelde lange rente in de eurozone naar een veel lager niveau te drukken, niet om rentesubsidies aan probleemlanden te geven. Dat laatste kan beter worden overgelaten aan de ministers van financien, bijvoorbeeld via een systeem van renteverevening.