Home > Onderwijs > Langstudeerders moet je vroeg aanpakken

Langstudeerders moet je vroeg aanpakken

De door het kabinet voorgestelde langstudeerdersregeling is een slecht vormgegeven prikkel tot sneller studeren. Hoewel de details nog onbekend zijn, lijkt de grote lijn duidelijk. Bij overschrijding van de nominale studieduur plus één jaar gaat de student een hoger collegegeld betalen en de instelling een strafkorting. Het simplisme van deze maatregel verraadt echter een gebrek aan inzicht in het fenomeen studievertraging.

Studievertraging is er in alle maten en soorten, van tijdverspillend tot maatschappelijk wenselijk. Een analyse van de verschillende vormen van studievertraging, de oorzaken hiervan en de manieren om deze aan te pakken (indien nodig) ontbreekt echter. Laat ik een korte voorzet geven.

De invoering van het bindend studieadvies (BSA) heeft bij de meeste opleidingen een duidelijke schifting in het eerste studiejaar teweeg gebracht. Aan de Erasmus School of Economics (ESE) maakt het overgrote deel van de studenten met een (voorwaardelijk) positief BSA de bacheloropleiding af. Daarmee bewijst het eerste jaar zijn selectieve waarde. Studenten die dit jaar overleven, kunnen erop vertrouwen dat ze met voldoende inspanning de opleiding zullen voltooien. Veel studenten combineren na het eerste jaar hun bachelorstudie met bijbanen, bestuurswerk, medezeggenschap, stages, buitenlandse reizen of een tweede studie, waardoor zij de bacheloropleiding niet binnen 3 of 4 jaar halen. Maar daarmee is dit nog geen probleemgroep. Integendeel, de arbeidsmarkt waardeert over het algemeen deze extra-curriculaire activiteiten. Bovendien kunnen de meeste opleidingen zelf niet zonder de efficiënte en gewaardeerde arbeidsinzet van studentassistenten. Als zij massaal het bijltje erbij neer zouden leggen om zo het hogere collegegeld te ontlopen, wordt kleinschalig hoger onderwijs onbetaalbaar.

De echte probleemgroep bestaat uit studenten die niet of veel te laat op gang komen en de eerste jaren doelloos van opleiding naar opleiding zwerven. Een voorbeeld. Een jaar geleden heette de ESE student A, na een afwezigheid van drie jaar, opnieuw welkom binnen de poorten van de faculteit. Student A schreef zich in 2005 eerder in voor de studie economie, maar kreeg in september 2006 een negatief BSA. Sinds september 2006 heeft hij geproefd aan de studies bedrijfskunde, bestuurskunde en fiscaal recht, alvorens terug te keren naar de economische wetenschap, waar blijkbaar toch zijn hart ligt. Helaas heeft student A sindsdien nog geen studiepunt gehaald. Ik voorspel dat de langstudeerdersregeling voor dit type student geen soelaas biedt. Immers, het kenmerk van deze studenten is nu juist dat ze slecht vooruit kijken en de nadelige lange-termijn consequenties van hun keuzes onvoldoende meewegen. Een financiële sanctie die pas na 4 jaar wordt opgelegd, zal geen indruk maken. Wie dan leeft, die dan zorgt. Voor deze groep heb je een vroege interventie nodig. De harde aanpak van de langstudeerdersregeling contrasteert helaas met het softe beleid bij aanvang van de studie. De wetgever staat student A toe om vrijblijvend studies uit te proberen. Wanprestaties in het eerste jaar worden met de mantel der liefde bedekt.

De politiek correcte premisse onder het BSA is dat iedereen met een vwo-diploma over voldoende intellect, motivatie, doorzettingsvermogen en discipline beschikt om een academische opleiding met goed gevolg te voltooien. Het falen van de student wordt zo gereduceerd tot een verkeerde studiekeuze. Dit zou impliceren dat studenten die na een negatief BSA overstappen, het bij de nieuwe studie beter doen dan studenten die vanuit het vwo instromen. Uit onderzoek blijkt echter dat dit niet het geval is; de tweede studiekeuze pakt in veel gevallen niet veel beter uit dan de eerste. Sommige studenten stoten zich inderdaad twee of meer keren aan dezelfde steen.1

Het verdient de voorkeur om het beleid om te draaien. Hard bij aanvang, maar soepeler na gebleken inzet of talent. Laat de student vroegtijdig kleur bekennen en bewijzen dat hij echt voor een academische opleiding wil gaan. Een eenvoudige maatregel om dit te bereiken, is om studenten na twee negatieve BSA’s verdere inschrijving in het wetenschappelijke onderwijs te weigeren (“two strikes and you’re out”). Deze generieke maatregel versterkt zowel de reflectie op de studiekeuze als de prikkel tot studeren. Overleven studenten het eerste jaar, dan is er weinig bezwaar tegen enige studievertraging voor studenten die zich gaandeweg ook op een andere manier willen ontplooien.

De botte bijl van de langstudeerdersregeling doet vermoeden dat het de minister niet te doen is om de werkelijke problemen in het wetenschappelijk onderwijs aan te pakken, maar dat het om een ordinaire bezuinigingsmaatregel gaat. En die brengt natuurlijk meer geld in het laatje naarmate de effectiviteit geringer is.

1 Zie I.J.M. Arnold en W. van den Brink, Naar een effectiever bindend studieadvies, Tijdschrift voor Hoger Onderwijs en Management, 2010-5, p. 10-13.

Advertenties
Categorieën:Onderwijs

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s